Och, gij Turandot! Gij, ijsprinses!
Met uw steenkoud hart en uw bevroren lach.
Ook gij zult smelten op een dag!
’t Zal pijn doen als uw bloed weer stromen gaat.
’t Zal steken als een duizendwespenprik.
En gij zult wenen, mensentranen,
doodgewone mensentranen,
en graag zien, net als ik!
De mooie prinses Turandot heeft veel aanbidders, maar wil niet trouwen. Daarom bedenkt ze een list. Elke prins die met haar wil trouwen, moet eerst drie raadsels oplossen. Antwoordt hij juist, dan heeft hij geluk en wordt hij haar man. Maar raadt hij het niet, dan hakt zij als straf, en zonder pardon, zijn kop eraf. Het volk heeft genoeg van dit griezelig spel en smeekt de prinses om een lieve prins te kiezen en te trouwen. Maar Turandot blijft bij haar besluit en verandert meer en meer in een ijsprinses.